stripinfo.be wordt gratis aangeboden, maar de site in de lucht houden kost wel geld. Daarom vragen wij u vriendelijk uw ad blocker uit te schakelen op deze site. Bedankt voor uw steun.

Interview

François Schuiten


We waren aanwezig bij de Heer Schuiten voor een interview waarvan je het eerste deel hier kan lezen.

Om nog eens terug te komen naar de strips: u hebt de gave om vanuit een klein ideetje een groots en complex verhaal te maken, zoals het Scheve Kind, of Urbicande. Hoe komt zo'n scenario tot stand.

Dat gebeurt met z'n tweeën. We vertrekken altijd vanuit de vreemdheid van de werkelijkheid, van wat nabij is. We houden van kleine, fragiele ideeën, die dicht bij onze werkelijkheid liggen, maar toch heel vreemd aandoen. Ik wil geen verhaal over iets maken dat totaal uit de lucht is gegrepen of volledig fantasie is. Ik voel me meer verwant met Magritte dan met Dali. Voor mij ligt Magritte heel dicht bij onze werkelijkheid. Hij tekent zijn vrouw, zijn deur, ..., alles wat dicht bij hem is. Daar hou ik van. Ik teken heel graag gebouwen, zoals het Justitiepaleis, die locomotief ook. Ik wil heel dicht bij alles staan. Zoals mijn personages. Die begin ik onderhand heel goed te kennen. En ik hou er heel veel van.

U houdt zelfs van het Justitiepaleis? Een bouwwerk dat door velen als het lelijkste gedrocht van België beschouwd wordt?

Ik vind het helemaal niet lelijk, integendeel, het is een heel interessant gebouw.

Vind u het spijtig dat ze bijna alle ingangen blokkeren?

Neen. Het justitiepaleis is eigenaardig. Je begint het te tekenen, en je ontdekt steeds nieuwe dingen. Je begint erover te lezen, en het gebouw te begrijpen, je consulteert specialisten, ... Je draait er films, en opeens vecht je om dat gebouw te vrijwaren. We hebben nu een stichting in het leven geroepen om het paleis te verdedigen. Je ziet het, het begint bij een tekening, je zit er jaren aan vast. Ik ben nu ook met een enorm project bezig over het Justitiepaleis. Het wordt een grote verrassing.
Ik vind niet dat je iets kan tekenen en het dan volledig loslaten. Ik kan dat niet, ik word er verliefd op. Het justitiepaleis is zo'n fantastisch gebouw, met een rijke geschiedenis. Waarom zou ik bijvoorbeeld een gebouw uit Mexico tekenen? Ik begrijp Mexico niet, en ik zal het ook nooit begrijpen. Het Justitiepaleis kan ik wel proberen te begrijpen. Da's toch veel interessanter dan naar de andere kant van de wereld te moeten reizen?
Dat geeft waarde aan de dingen. Toeval bestaat niet. Ik weet niet of meneer Poelaert me kan zien, maar ik hoop dat hij tevreden is dat ik zijn werk verdedig.

U maakt ook heel complexe verhalen, zoals Nogegon. Heeft dat album veel tijd gekost om te maken? Er waren zelfs gespiegelde pagina's.

Ja, dat was een heel complex werk. Ik moest aan alle pagina's tegelijk werken. Ik werd bijna gek. Ik nam mijn pagina's mee op vakantie.
Het was een soort spel. Ik kon er zo nog jaren aan werken, maar op een bepaald moment heb ik aan Luc gezegd dat het genoeg was.

U gaat het niet herhalen?

Ik heb er eigenlijk spijt van niet voortgezet te hebben. Voor mij is het album niet af. Het had echt een weergaloos verhaal kunnen worden anders. Het was een formidabel idee van Luc, maar ik heb moeite gehad om een goede manier van werken te vinden. Benoït heeft ook zulke goede, originele ideeën.

Kan u zich inbeelden dat u een Duistere Stedenalbum maakt zonder Benoït Peeters?

Neen, niet van de Duistere Steden. Dat is onze wereld. Mijn nieuwe strip heb ik zonder hem gemaakt, hij was met iets anders bezig. Hoewel het album dicht bij de Duistere Steden ligt, is het geen album uit die reeks.

Wilt u met andere scenaristen werken?

Ja, waarom niet, maar nu heb ik zin om weer met Benoît te werken. Het probleem is dat ik niet hou van een zuivere scenarist-tekenaarrelatie. Ik ben samen met Benoît scenarist voor de Duistere Steden. Ik wil wel samenwerken, ideeën uitwisselen, dialogeren, ... Maar een zuivere scenarist, neen. Ik ben geen tekenaar die een kant-en-klaarscenario op papier zet. Ik wil samen de juiste vorm zoeken. Ik geef Benoît verhalen, personages, settings, en samen bekijken we wat we ermee doen. Het gaat voortdurend over en weer. Dat benadert voor mij de 'unieke auteur', waarbij de tekening het scenario is en het scenario de tekening. Zo denk ik erover.
Natuurlijk zijn er uitstekende strips getekend op basis van een scenario. het is dus wel een goed schema, maar ik kan zo niet werken.

Zegt Benoït Peeters al eens dat een bepaalde tekening absoluut niet past in dat verhaal? Vraagt hij u soms het anders te doen.

We staan zo dicht bij elkaar - we kennen elkaar van toen we twaalf waren - dat dat niet meer hoeft. Onlangs hadden we een muzikaal sprookje in Rennes en we moesten vertellen. Ik begon, en Benoît ging verder, of omgekeerd. Het was zoals een spel. We gingen gewoon door. Het is meer een gemeenschappelijk proces, zoals een kinderspel. Ok, het is wel werken, maar we bezitten nog altijd die samenzweerderigheid van toen we klein waren. Dat is 1 auteur zijn, met zijn tweeën.

Uiteraard moeten we soms de ander verrassen. Dan verras ik hem, en hij voegt er nog aan toe. We willen de ander in de luren leggen. Maar hij is daar heel goed in: je geeft hem iets en hij scoort. Maar ik moet hem soms een dooreenschudden, anders komt hij in een vast stramien te zitten. En het publiek beseft dat wel. Dat maakt het mooi en interessant.

Het is niet leuk om altijd hetzelfde te lezen, en ook niet om te maken.

Neen, het probleem is dat we bijna altijd hetzelfde verhaal vertellen. Da's nu eenmaal de auteur met zijn obsessie. We moeten dus altijd vernieuwen. Daarom werk je al eens in kleur, of gebruik je een ander bladformaat. Er moet opwinding zijn.

Ik heb ooit eens gelezen dat er maar 7 verhalen zijn, maar dat die altijd op een andere manier verteld worden.

Ja, dat is het. Maar je moet ervoor zorgen dat die verhalen ertoe doen voor jou. Ik weet niet of de verhalen goed zijn, of ze in de smaak vallen, daar kan ik niets aan doen. Ze moeten Mij emotioneren.

Gezien de erkenning, denk ik dat er veel mensen uw verhalen goed vinden.

Het doet wel deugd als de mensen voor jou komen natuurlijk, zoals daar in Rennes. Er was daar 400 man, da's toch niet niks. We hadden een muzikant, er waren beeldprojecties. Dat doet je toch wel iets. Soms is er minder volk, soms hebben wij een wat mindere dag. Soms twijfel je ook. Er verschijnen zo veel strips. De stripwinkels kunnen het aanbod amper aan, de mensen hebben minder geld, en dan kom jij nog met een strip af. Wat kan je nog toevoegen? Ik had daarnet nog mijn uitgeefster aan de lijn, en ik denk dat de auteur zijn vak zal moeten heruitvinden. Daarom werk ik met die 'verhoogde werkelijkheid - ik werk momenteel zelfs aan een operette - De herberg van het witte paard - in Charleroi. Ik wil niet in een sleur geraken. Ik wil een nieuwe dialoog aangaan. Ik teken nu al 40 jaar, sinds mijn 16e professioneel strips. Ik moet mezelf dus verrassen, anders verval ik in routine, en dat zou ik vreselijk vinden.

Er verschijnen steeds meer strips die volledig digitaal gemaakt zijn, zoals Arthur des Pins ze maakt. In de toekomst zal de strip alleen nog digitaal verschijnen. Je kan dan eventueel strips maken en wat accenten toevoegen om de aandacht te trekken. Hoe denkt u dat de strip zal evolueren?

Ik hou van het boek, ik hou van papier. Ik hou van de alliantie papier - virtuele wereld. Wat is nu de toekomst van de strip? Als je van een strip een strip maakt met geluid en bewegende beelden, dan heb je een tekenfilm. Dan is het geen strip meer. Ik werk zelf aan films.
Maar wat gaat dat worden, met de opkomst van het virtuele. Neem nu de iPads.
ik heb op een bepaald moment gewerkt met e-readers omdat dat me meer interesseert dan zo'n iPad. Je moet daar een specifiek verhaal voor verzinnen.

Suske & Wiske is wel geslaagd. Je hebt de strip, maar er wordt wel aan toegevoegd.

Ik heb al veel voorbeelden daarvan gezien, maar ik hou niet van adaptaties. Je moet iets specifieks maken. Voor mij is een adaptatie van een strip op een iPad inferieur, omdat de strip gemaakt is voor het papier. De oorspronkelijke vorm is dus beter. Als ik iets maak in de 'verhoogde realiteit', dan heb ik dat met die specifieke omgeving in gedachten gemaakt. Het zal dus nooit zomaar een adaptatie zijn. Ik zou wel graag een werk maken voor iPads, maar ik zou dat anders benaderen, een verhaal dat speciaal gemaakt is met het oog op de slide-technologie van de iPad. Ik zou zo'n verhaal dan ook voor geen ander medium maken. Mijn uitgever zal dan waarschijnlijk achteraf wel zeggen: "ik wil dat in stripvorm gieten.", maar dat zal ik moeten tegenhouden (lacht). Begrijpt u? Vele uitgevers willen een digitale uitgave maken, maar voor mij zal die niet evenwaardig zijn.

We verliezen als lezer wellicht wat er gebeurt tussen de vakjes, wat net de magie van de strip is.

Uiteraard. Ik geloof dat het papier wel zal blijven bestaan, maar het moet een bestaansrecht hebben. Iedereen wil hetzelfde, iPads, iPhones... Ik zou iets anders willen uitvinden. Misschien een bril die we kunnen opzetten die beelden in de strip doet bewegen of zo. Ik speel snel in op nieuwe dingen. Benoît en ik waren een van de eerste tekenaars met een site (urbicande), ik heb met Maurice Benayoun aan Quarxs gewerkt, een van de eerste computeranimaties. Ik hou ervan de dingen te verkennen. Om er nadien veel geld uit te slaan, daar ben ik dan weer niet zo goed in (lacht).

Misschien dat ik daarom wel van Stanley hou. Op ontdekking gaan, nieuwe dingen zien, fantastische landschappen. Spijtig genoeg komen daarna de missionarissen...

Wilt u nog met andere personen werken?

Misschien niet uit de strip, maar wel met een schrijver, of een regisseur.
Terry Gilliam, bijvoorbeeld, met die man zou ik heel graag werken.

Zijn projecten zijn wel gedoemd om te mislukken...

(lacht) Ja, maar het gaat hem om het plezier om met hem samen te werken. Spijtig genoeg is mijn Engels niet zo goed, gelukkig kent hij wat Frans.
ik zou wel graag een strip maken met een schrijver.

Een schrijver denk wel volledig anders over hoe hij een verhaal maakt. Een boek is wat anders dan een stripscenario.

Dat is waar, maar dan moeten we zien hoe we te werk kunnen gaan. Het zou wellicht een jonge schrijver moeten zijn. Oude schrijvers zitten vaak vast in een denksysteem dat ze opgezet hebben om hun verhalen te schrijven.

Jaren geleden is er in het Nederlands 'Les cuisiniers dangereux' verschenen, een stripproject met 'echte' schrijvers, maar of dat nu zo goed was ...

Ja, het is geen wondermiddel natuurlijk. Vaak kijken schrijvers neer op de strip, maar jonge niet. We kunnen dus van de basis vertrekken: een goed verhaal. Daar moet ik dan een goeie strip van maken. Da's een strip maken, knutselen, aanpassen. Er moet dus een samenwerking uitgevonden worden. En dat is niet gemakkelijk. Daarom willen uitgeverijen alleen maar met stripscenaristen en tekenaars werken. Je kan die gemakkelijker verwisselen. Soms krijgt een reeks een andere scenarist, of een andere tekenaar, of zelfs de twee. Da's voor mij niet interessant. Dertien, Thorgal, bijvoorbeeld.

Bij Blake & Mortimer heb je zelfs 2 duo's... Wat ze in de US doen, geeft soms toch wel leuke resultaten. Een andere scenarist geeft een nieuw leven aan een oud personage.

Ik ben daar niet tegen hé. Bepaalde tekenaars hebben het personage doen herleven. Maar het gaat hem altijd om geldgewin.

Soms krijg je zelfs het gevoel dat comics een manier is geworden om snel een film te kunnen maken en poen te scheppen...
Het probleem is dat er zo veel albums verschijnen, dat de held het referentiepunt wordt, en de mensen toch het album kopen. Ach ja, ik ben niet nostalgisch hoor. Misschien maak ik ooit wel een langlopende serie. Maar het zal dan toch iets speciaals moeten zijn...

Geen Duistere Steden 605: De wraak van Samaris?

(lacht) nee, nee, dat lijkt me niet leuk. Bij de Duistere Steden hebben Benoît en ik van bij het begin beslist dat elk album anders moest zijn. Het was echt onze overtuiging, en ik denk dat het een juiste keuze was. Wellicht niet vanuit commercieel oogpunt, want bij elk album moet je van nul herbeginnen... Er zijn geen - of weinig - terugkerende personages. Je moet telkens weer van een wit blad vertrekken. En da's verdorie lastig hoor. Personages, universum, ... alles moet weer uitgedacht worden. Het zou veel gemakkelijker zijn om veel elementen te hergebruiken, maar ik zou me vervelen...

Mijnheer Schuiten, hartelijk dank voor dit interview!

Royale de Luxe & Chris van De Meerssche