stripinfo.be wordt gratis aangeboden, maar de site in de lucht houden kost wel geld. Daarom vragen wij u vriendelijk uw ad blocker uit te schakelen op deze site. Bedankt voor uw steun.

Interview

Wauter Mannaert


Weegee is een stripverhaal over de fotograaf Weegee op scenario van Max De Radiguès en getekend door Wauter Mannaert. Met de laatste zitten we op een zonnige herfstdag eens samen in een gezellig cafeetje om het over deze bijzondere man en bijhorende strip te hebben.

Hoe kwam jullie samenwerking tot stand?
Ik heb Max vreemd genoeg leren kennen in Angoulême, in 2009, maar we wonen eigenlijk allebei in Brussel. In Brussel organiseerden wij een evenement waarbij we gedurende 24 uur een comic proberen te maken. Dat was in ons atelier en Max deed mee. Hij was toen al bezig met deze fotograaf Weegee: het tijdperk sprak aan, de USA van de jaren '40 met zijn typische sfeer van het groezelige New York en jazz, maar ook het fascinerende personage dat Weegee is. De foto's van Weegee waren voor hem de basis. Echter hij vond zijn eigen tekenstijl te naïef en puur voor dit verhaal. Max heeft een heldere klare lijn-stijl zonder ingewikkelde perspectieven. Hij vond zelf dat het meer nodig had en dus zocht hij een andere tekenaar. Echter bij die eerste tekenaar is de samenwerking na een tijdje afgesprongen. En ondertussen werkten we samen in hetzelfde atelier in Schaarbeek en zo kwam ik er bij.



Dus eigenlijk was het atelier een belangrijke factor in het tot stand komen van de samenwerking?
Het atelier is inderdaad belangrijk. Judith (Vanistendael), die ook in ons atelier zit, heeft me in contact gebracht met Mark Bellido die het scenario van El Mesias heeft geschreven. Ook voor Brussels in Shorts was dat een samenwerking binnen ons atelier, met name met Eva (Hilhorst). Ik zoek het atelier-werken ook bewust op. Ik wil niet werken in isolement.


En hoe verliep de samenwerking dan juist?
Er was net ook een tentoonstelling van Weegee in Antwerpen dat een mooi beeld schetste van wie hij was. Samen met de biografie was dat een gezamenlijk vertrekpunt. En voor beiden was het New York van de jaren '40 een beetje een gedeelde cultuur. Ik had als student een boek van hem gevonden en zijn beelden spraken me direct aan. En dat New Yorkse sausje maakte het af voor mij. We gingen vrij snel dezelfde richting uit qua sfeerschepping en hoe het personage neer te zetten in stripvorm.
Bij Mark bijvoorbeeld liep het toch wel wat moeilijker. Het verhaal was nog niet af en hij was heel partijdig, bijna op een pamfletachtige stijl. Dat is als mens leuk en goed maar als auteur minder. Dit is niet bevorderlijk voor het maken van goede strips.
Max schrijft echter niet echt een script. Hij schrijft al tekenend. Ik heb die tekeningen wel nooit gezien en heb zelf mijn versie gemaakt. Ik heb zelf research gedaan, zitten uitvogelen hoe ik het moet opbouwen en met welk vertelritme dit verhaal diende verteld te worden. Ik ben geen teken-slaafje! Dat neemt niet weg dat ik de strip in etappes gemaakt heb en dan telkens dat deel besproken heb met hem. Dit was heel gemakkelijk daar we in hetzelfde atelier zaten... .



Dus je kende Weegee al langer?
Eigenlijk sinds mijn introductie tot de bibliotheek van het kunsthumaniora ben ik gefascineerd door de USA. En dan in de stripschool was er een opdracht waarvoor we allemaal naar de bib gingen voor boeken. Tussen hetgeen dat overbleef koos ik per toeval eentje van hem. En zijn stijl was één dat aansloot met waar ik toen me in verdiepte (Hugo Pratt, Edmond Baudoin ..) en dat is nooit echt meer weggegaan, die fascinatie. In het begin was dat door zijn foto's maar na wat dieper graven, is het ook de persoon die intrigeerde. Zijn leven is zo vervlochten met zijn fotowerk. Hij is zelf een personage geworden in zijn foto's. En het is net door zijn aanwezigheid in zijn oeuvre dat ik me ben gaan interesseren in hem. Hij heeft ongetwijfeld een boeiend leven gehad, maar een deel is ook gewoon mythe. De vermommingen die hij in zijn auto had liggen, het ontwikkelen van de film in zijn koffer, dat zijn wellicht overdreven verhalen die hij zelf verzon om zo sensatie rond zijn foto's te creëren.. marketing avant la lettre. Dat alles gaf me ook goesting om het te vertellen en toen ik hoorde dat Max een scenario had over hem...

Daarnaast begint het mode te worden om fotografen te verstrippen. En door deze uitgave zitten we in de kop van het peloton. En laten we eerlijk zijn, Weegee is ook een dankbaar onderwerp. Hij heeft een rijk oeuvre waarbij de foto's op zich wel erg shockerend zijn, maar tevens ook interessant. Door de biografie kon je vaststellen dat je die foto's toch met een korreltje zout moet nemen. Hij manipuleerde zijn onderwerpen om zo meer sensatie te creëren. Dat maakte het verhaal sterker en verkocht beter. Maar dat stelt meteen ook de vraag: wat is manipulatie juist?



Het verleggen van lijken, zaken aanpassen,... Tegenwoordig zijn we er zeer gevoelig voor. Maar je bent er nooit bij als de foto genomen wordt dus kan je nooit echt weten in hoeverre er gemanipuleerd is. We mogen niet te naïef zijn over wat we te zien krijgen, ook niet vandaag. Kijk, een journalist brengt berichtgeving, maar het moet passen binnen een vooraf bepaald kader, zoals tegenwoordig met bijvoorbeeld Molenbeek.. ze moeten met de juiste quote terugkomen. Ik geef al 10 jaar les in mediavorming en mijn missie is om mijn leerlingen mediawijsheid bij te brengen. Media, en ook journaals zijn gekleurd en je moet dat beseffen om zelf je mening te kunnen vormen. Bijvoorbeeld voor Molenbeek door ook te kijken naar verenigingen zoals Jes. Zij hebben een andere insteek en brengen een eigen verhaal door de mensen, de jongeren van Brussel zelf.

Weegee manipuleerde, maar als je dat weet dan kan je zeggen 'So what?'. Hij deed het om een verhaal te vertellen. De foto met de kinderen is volledig in scene gezet, maar dat was om zijn herinnering vast te leggen. En anderzijds soms zie je in de oorlogsfotografie een foto van één schietende soldaat maar als je de camera zou omdraaien zouden er 50 camera's of zo opstaan door al de fotografen die er zijn. Wat is dan de waarheid?

Dit is echt iets dat me interesseert.. de grens tussen fictie en non-fictie. Dat is al wel duidelijk zeker? Ik neem graag een bestaand personage en doe er mijn eigen ding mee. In El Mesias had je de utopische gemeenschap waar een self-made man naar toekomt omdat hij door de crisis alles verloren heeft. Het is gebaseerd op de werkelijkheid, maar het geeft je ook vrijheid om er meer dan gewoon een rapportage van te maken. Ook bij dit verhaal. Kijk, er zijn een paar echte experts over Weegee en zelfs zij kunnen niet zeggen wat waar is van zijn mythe en wat niet. En dus hadden we de volledige vrijheid om zo ver te gaan als we zelf willen. De bestaande foto's en anekdotes waren een vertrekpunt, niet meer dan dat.


Een aantal technische vragen:
Waarom deze kleurkeuze: zwart/wit met grijs?

Eerst heb ik geprobeerd om alleen zwart-wit te gebruiken zoals het voorbeeld van Hugo Pratt dat ik wou volgen. En ik wou ook absoluut een film noir sfeertje oproepen. Trouwens Weegee zijn oeuvre is ook in zwart-wit. Het was bijna een erekwestie om het zo te doen, maar dat was uiteindelijk te kil. Toen ik een warme grijslaag toevoegde voor de sfeer, zat het meteen goed.
De zwarte vlakken zijn nodig voor de sfeer noire. Ik heb met bic en potlood alles getekend en de tinten ingekleurd. Dat was heel arbeidsintensief zeker als er veel zwart was. En dus werden dat al vlug dikke vlakken.
Er is ook een opmerking gemaakt over mijn lijnvoering, met name dat het nogal als een schets overkwam. Dat klopt niet. Het mocht hier geen superschone lijnvoering zijn want dat paste niet bij het verhaal, maar het is op zich wel fijn en gevoelig. Verhaal en sfeer komen op de eerste plaats. Het esthetische is voor mij minder daaraan ondergeschikt. De personages en hoe zij communiceren en zich gedragen en dat treffend weergeven is voor mij belangrijker dat het mooie.



Meestal gebruik je kaders in je layouts, maar soms ook niet, waarom?
Er moest een onderscheid zijn tussen het dagelijks leven en zijn dromen. Het is dan ook logisch dat voor dat laatste er geen kaders gebruikt worden. We hadden een simpel systeem als basis: 6 vakjes per pagina. En alleen als het echt nodig was, werd er van afgeweken. Dat is echt een aanrader, begin simpel en pas als laatste stap maak je het ingewikkeld, als het echt moet. Die beslissingen moeten steeds een functie hebben en bijdragen aan het verhaal, zoals hier voor een droom-sequentie.


Wat zijn je toekomstplannen?
Het zal alleszins over het thema eten gaan en dan bedoel ik de voedingsindustrie en de technologie ervan. Dat zal wel meer gepresenteerd worden in de stijl van een animatiefilm of manga.


Ik ben alvast benieuwd!

witam